Archive for 1 mei 2014

Negen tips om baby’s meer te laten bewegen

 “We moeten af van maxi-cosy’s,” pleit de vereniging van Artsen Jeugdgezondheidszorg Nederland. “In deze stoeltjes krijgen kinderen te weinig beweging. Gevolg: dikke baby’s.”

Maxy-cosy’s zijn bedoeld om de baby veilig in te vervoeren. Als ze eenmaal bij ‘t Lonnekerspoortje zijn aangekomen gaat de maxy-cosy naar de hal. De baby’s hebben een veilige speelplek, er is een box aanwezig en bij voedingen worden ze op schoot genomen. Een uitzondering heb ik moeten maken voor een tweeling. Helaas is het zonder maxy-cosy erg lastig om een babytweeling veilig hun flesje te geven. Na de voeding worden ze dan ook snel weer uit hun stoeltjes gehaald en wordt er op de grond met ze gespeeld. Doordat de kinderen veel op de grond spelen, kan ik de ontwikkeling van de motoriek ook erg goed volgen. Hierdoor kan ik gerichte ontwikkelings- en beweegspelletjes met ze doen. Ook is er  geen gevaar om te vallen en de ruimte om in te bewegen is veel groter dan in een box mogelijk is. Dat de kinderen plezier hebben in het bewegen is door de ouders terug te zien op de foto’s die op de website staan.

En dan hieronder de negen tips die in het vaktijdschrift Kinderopvang zijn gegeven om beweging bij de allerjongsten te stimuleren.

 1. Een kinderstoel gebruiken voor kinderen die zelfstandig kunnen zitten. Als ze dit nog niet kunnen, dan het kindje op schoot nemen om eten te geven. Zo krijgen ze voldoende ruimte om hun armpjes en beentjes te bewegen. Bovendien is dit veel beter voor hun ruggetje.

2. Zodra de baby wakker is, leg je hem (onder toezicht) op zijn zij of op de buik. De baby kan zo de nek- en rugspieren trainen. Baby’s gaan zelf op ontdekkingstocht. Eerst rollen ze van de buik op de zij en terug, als dit lukt rollen ze door tot ze weer op hun buik komen. Lukt dit goed dan gaat de baby leren tijgeren en kruipen.

3. Laat baby’s op een veilige afgeschermde plaats spelen, buiten bereik van oudere spelende kinderen.

4. Voor de baby is het prettig dat de ondergrond stevig, warm, ruw is. Hierdoor kan het zich fijn afzetten. Op een gladde vloer glijdt de baby weg en wordt omrollen, tijgeren of kruipen heel lastig.

5. Bij het dragen de baby op zowel links, rechts als middenvoor dragen. Op deze manier krijgt de baby verschillende prikkels aangeboden.

6. Leg rammelaars of ander geluidmakend speelgoed voor baby’s, net buiten het bereik van de baby. Dit stimuleert om erheen te reiken, te rollen of te kruipen.

7. Baby’s die tijgeren kunnen ook al klimmen. Stevige kussens van zo’n tien centimeter hoog, kunnen stimuleren om erop te klauteren. Een kruipkist kan ook erg interessant zijn voor baby’s om te klauteren. Daardoor leren ze zichzelf op vangen als ze vallen en oefenen ze hun evenwicht.

8. Richt ook een begrensde buitenruimte in voor de baby’s. Zorg voor zoveel mogelijk spel- ontdekkings- en ervaringsactiviteiten. Denk aan struikjes, bomen, gras, een paadje met hotsnippers en zand. Zorg wel voor beschutting tegen zon en wind.

9. Weinig ruimte in de tuin? Ga de hoogte in. Creëer een soort box op stahoogte, onder de box kan een speelhuisje voor oudere kinderen worden ingericht. Zo kunnen baby’s ook buiten vrij bewegen.